Lezen (Basisexamen)
Het onderdeel Lezen van het Basisexamen, afgenomen op een ambassade: korte teksten op een scherm, met de vragen hardop voorgelezen.
- Hoe laat …?
- Zoek de cijfers. Staan er twee tijden, dan hoort er één bij een andere dag.
- Waar …?
- Een plaatsnaam of een ruimte. Vaak worden er twee genoemd en is er één het antwoord.
- Wie …?
- Een persoon of rol: de dokter, de leraar, uw buurman. De tekst noemt er meer dan één.
- Wat kost …?
- Een prijs. Controleer voor welke groep die geldt voordat je hem neemt.
- niet / geen
- Eén klein woord dat het antwoord omdraait. Let erop als de vraag wordt voorgelezen.