Slaagkans

Luisteren: waar-vraag

Een vraag met waar (of waarheen, van welk spoor) naar een plek: waar iets is, waar je heen moet, waar je iets ophaalt.

Het antwoord is een plek: een spoor, een gebouw, een plek in een winkel — vaak met een klein plaatswoord als naast, achter in of bij. Korte fragmenten noemen meerdere plekken, en de foute opties zijn de andere: het herkenningspunt op de route, het oude spoor van vóór een wijziging, een getal dat bijna hetzelfde klinkt, of de openingstijden in plaats van het adres.

Hoe het examen dit toetst

Het onderdeel Luisteren A2 bestaat uit meerkeuzevragen bij korte geluidsfragmenten — omroepberichten op het station, een routebeschrijving op straat, een verkoper in de winkel, een bericht van de gemeente — en wordt door de computer nagekeken. We hebben 10 waar-vragen in onze A2-oefenbank. De foute opties komen uit hetzelfde fragment: een herkenningspunt onderweg, het spoor dat niet meer geldt, een getal dat erop lijkt (zes en zestien), of andere informatie zoals de openingsdagen.

Wat is er mis met deze zin?

Spoor drie

Veel kandidaten schrijven het precies zo en verliezen het punt zonder te weten waarom.

De rest van deze les

De regel, de uitgewerkte voorbeelden, de uitzonderingen en wat u in het examenlokaal doet openen met Mastery, samen met alle andere lessen voor dit examen.

Bekijk de pakketten